Social media platformen moeten hun verantwoordelijkheid nemen: de tijd van sorry zeggen is voorbij | zo helpt een platform interne mobiliteit op gang | zonder transparantie in algoritmes moddert het debat eeuwig voort

Goedemorgen! En de beste wensen, het mag nog. Van mij in ieder geval wel 😉 Ik hoop dat je een mooie kerst en nieuwjaar hebt gehad. Ik ben de afgelopen weken, naast veel tijd te hebben besteed aan mijn gezin, druk geweest met vraagstukken rondom overheden en platformen, het (mede) voorbereiden van een workshop over discriminatie en platformen (later meer), een workshop vormgeven over skills in de kluseconomie (ook daarover later meer) en het schrijven van een longread over platformen versus uitzendbureaus (sorry, ook daarover later meer). Daarnaast ben ik bezig met het maken van plannen en wensen voor dit nieuwe jaar op zakelijk gebied. Ik wil in 2021 onderzoeken hoe ik meer kan doen voor de bijna 1.000 abonnees van deze nieuwsbrief (wensen & ideeën zijn welkom), heb de wens om een nieuw onderzoek en boek te initiëren over hoe we de platformeconomie meer voor de samenleving kunnen laten werken (maar moet daar nog een verdienmodel omheen bedenken) en overweeg ik mij max. 2 dagen in de week als freelance expert & onderzoeker beschikbaar te stellen om mooie samenwerkingen op te starten en nieuwe platform vraagstukken te verkennen (ook hier zijn tips welkom). Genoeg te doen dus 😉 Voor deze week weer de nodige stukken voor je verzameld en voorzien van mijn duiding en (ongezouten) commentaar. Fijne week!


Google verwijdert app sociaal medium Parler, Apple dreigt hetzelfde te doen | NU.nl

Weet je nog? Vroeger? Zeg een jaar of…. anderhalf geleden? Iets voor de eerste lockdown. Toen velen echt nog geloofden dat platformen inderdaad prikborden waren en niet verantwoordelijk voor de diensten, producten en content dat via het platform tussen vraag en aanbod werd gedeeld?

Het heeft even geduurd en het zat er al even aan te komen, maar intussen is iedereen er nu (eindelijk) van overtuigd dat dat complete onzin is. Fijn. De afgelopen weken zijn er genoeg voorbeelden voorbij gekomen, met als hoogtepunt de reacties van diverse social media kanalen op de chaos rondom de bestorming van het Capitool in Washington. Twitter, Instagram en Facebook schorsten de accounts vanTrump. Intussen schorste Reddit een Trump forum waar zou zijn aangezet tot geweld en schorste Discord een Trump-chatgroep.

Niet alleen de platformen zelf, maar ook de meta platformen, de appstores, laten van zich horen. Google gooide de sociale medium app Parler uit de store. Apple heeft intussen hetzelfde gedaan. Hulde voor de social media platformen als poortwachters voor onze democratie? Of toch niet? Nou…. it depends.

Aan de ene kant is het goed dat deze platformen verantwoordelijkheid lijken te nemen, al zou je natuurlijk kunnen (en moeten) zeggen ‘too little, too late’. Social media platformen zijn erg goed in het maken van excuses, maar laten we niet vergeten dat het jaren heeft geduurd voordat er actie is genomen. En ja: er is in die jaren veel gebeurt, maar het ziet er ook naar uit dat deze platformen moeite hebben om de door hun zelf bedachte regels op het eigen platform uit te voeren. Waar ligt dat aan? Geen prioriteit? Onkunde? Onmacht? Of simpelweg geen incentive: beperkingen op het platform zorgen immers ook voor beperkingen in het businessmodel en geen blije aandeelhouders. Daar zit natuurlijk een kern van het probleem.

Wat wel duidelijk is, is dat deze platformen niet alleen poortwachter zijn (het sluiten van een account of het uit de winkel halen van een app heeft grote gevolgen), maar ook dat zij als private regulator bepalen wie wat ziet. Waarbij het belang van het businessmodel, zoveel mogelijk data en aandacht, veelal haaks staat op het belang van de gebruiker. Wat mij betreft kan dat niet zo langer en zijn er veel meer checks & balances nodig. Het is natuurlijk ontzetten naïef om te denken dat commerciële bedrijven zelfstandig de functie van poortwachter en private regulator kunnen uitvoeren. Wie dat nu nog steeds gelooft is een ei. Regulering én accountability zijn hard nodig.

De belangrijkste vraag is dan nu ook: hoe zou die regulering eruit moeten zien. Wat zijn de regels? En hoe ga je die controleren? Het gegeven dat de social media platformen Trump nu blokkeren is natuurlijk erg laat, maar ze hebben ook een groot belang: Biden is de volgende president die gaat over de onderzoeken en regels mbt deze platformen. In hoeverre is dit dus verantwoordelijkheid nemen, of toch een (schaamteloze) lobby richting Biden om een wit voetje te halen…

In een discussie op Linkedin werd beweerd dat er genoeg regels zijn en dat de platformen zich zouden moeten houden aan de lokale regulering. Ik ben het daar (op zijn zachtst gezegd) niet mee eens met de bewering dat de regels in principe hetzelfde zijn als in de ‘oude’ offline wereld. Er is veel grijs gebied in regels die door de mechanismen van social media opeens worden versterkt, dat nu door technologie moet worden ‘gecodeerd’ naar een ja of een nee. Gezien de regels die nu in Brussel worden voorbereid op de platformeconomie (en dan heb ik het niet over mededinging) is het duidelijk dat de huidige regels niet voldoen. Veel beleid is niet ingericht op de rol die platformen als private regulator spelen. Hoe die regels er dan uit moeten komen te zien? Ik weet het niet, al wil ik hier de komende tijd wel meer over lezen en over nadenken. Om alvast een voorzetje te geven: het begint natuurlijk bij transparantie: inzicht in de processen van besluitvorming. Daarnaast moeten de verdienmodellen minder leidend worden in de keuzes die worden gemaakt. Ik vraag mij af of een bedrijf zelf in staat is dat te organiseren, daar zal op de een of andere manier externe druk/support voor moeten komen. Als laatst: accountability. Social media platformen zijn erg goed in het zeggen van sorry. Als ik dat thuis van mijn kinderen nadat het 5x fout ging al niet accepteer, dan accepteer ik dat zeker niet van een miljardenbedrijf waar tien- tot honderdduizenden slimme mensen werken.

Regulering is één ding, maar waar mogelijk een nog grotere uitdaging ligt is in de handhaving. Wanneer je bijvoorbeeld dwingt sociale media lokaal in Nederland de algoritmes aan te passen, dan is het de grote vraag hoe je dit gaat handhaven. Kijk naar wat er met AVG gebeurt, maar ook met andere nieuwe verordeningen als de Platform 2 Business verordening die in juli vorig jaar is ingevoerd. Mijn ervaring is dat beleidsmakers en uitvoerders over het algemeen ver uit elkaar staan. Handhaving zou je op de een of andere manier ook moeten automatiseren en koppelen aan de algoritmes van de platformen, anders is het echt geen doen. Dat vraagt ook een veel meer ‘digital first’ overheid (en inspectie). Beleidsmakers die met dit vraagstuk bezig zijn moeten dus niet alleen naar buiten, maar ook zeker naar binnen kijken. De juiste combinatie maakt het verschil tussen een succes en een fiasco.

Je zult het intussen wel doorhebben: ik heb het gevoel dat er nog een lange weg te gaan is. Een heel interessante weg, maar ook een heel belangrijke weg. Een weg die het verschil kan maken tussen een leuke wereld en een heel veel minder leuke wereld. Deze vraagstukken zijn nu relevanter dan ooit: de platformen en appstores hebben nu door dat zij een verantwoordelijkheid hebben en de regels die zij gaan instellen hebben een grote impact op…. veel. Ik hoop dat ook dat in 2021 dit onderwerp op vele plekken hoog op de agenda zal staan en het ambitieniveau bij veel stakeholders om hier stappen in te maken een tandje of 10 zal worden opgeschroefd.

Ruim 2500 aankopen via Warenhuis Groningen in december

Lokale overheden faciliteren met een fysieke infrastructuur, maar hoe zit het met de digitale infrastructuur? In deze pilot in de Gemeente Groningen participeert de gemeente in een project waar een digitale laag over de fysieke winkelstraat wordt gelegd. Winkels krijgen een online locatie in de digitale winkelstraat en kunnen zo, zeker ook tijdens de lockdown, hun spullen blijven leveren aan hun klanten: een interessant experiment.

Italian court rules against ‘discriminatory’ Deliveroo rider-ranking algorithm – TechCrunch

In de laatste nieuwsbrief van 2020 schreef ik dat een van de meest interessante discussies rondom platformen gaat over de toegang tot data en transparantie in besluitvormingsprocessen. Deze uitspraak in Italië is daar ook weer een interessant voorbeeld van.

“A court in Italy has dealt a blow to unalloyed algorithmic management after a legal challenge brought by three unions. The Bologna court ruled that a reputational-ranking algorithm used by on-demand food delivery platform Deliveroo  discriminated against gigging delivery workers by breaching local labor laws.

The ruling, reported earlier in the Italian press, found Deliveroo’s ranking algorithm discriminated against delivery couriers because it did not distinguish between legally protected reasons for withholding labour — namely not working because a rider was sick; or exercising their protected right to strike — and more trivial reasons for not being as productive as they’d indicated they would be.”

Uiteraard hebben beide partijen een mening over de uitspraak: het hele document is hier terug te lezen. Bottom line laat deze uitspraak en het debat dat volgt zien dat de intransparantie van deze processen meer vragen dan antwoorden oplevert. En er een manier moet worden gevonden om hier meer transparantie in te krijgen.

Broodnodige extra zorghanden raken verstrikt in bureaucratisch web | Linkedin

Net als de de Volkskrant berichtte de NOS met het artikel ‘Duizenden mensen willen helpen in de zorg, maar worden geweigerd’ ook over een rapport van een onafhankelijke commissie die ‘Werken in de Zorg’ heeft onderzocht. Meer dan 23.000 mensen hadden zich aangemeld om te helpen, slechts 2.800 mensen werden ingezet.

Part-up oprichter Laurens Walling schreef daar het volgende over op Linkedin: “Volkskrant schrijft dat het advies van de commissie Werken in de Zorg om helder afgebakende werkpakketten te delen niet wordt opgevolgd. Allerlei logistieke, verzorgende of sociale taken kunnen uit het vaste zorgwerk worden gehaald, om verpleegkundigen te ontlasten en gerichter op hun expertise in te zetten. Via een platform (zoals Part-up) kun je dit werk razendsnel uitzetten, zodat mensen er op kunnen intekenen. Organisaties die hiermee werken, krijgen zo honderden matches per week, zonder dat het plannen tijd kost. Ik verwacht dat de komende tijd steeds meer organisaties overstappen op het herverdelen van taken, als de mogelijkheden bekender gaan worden en de urgentie stijgt.”

Wat hij voorstelt is om het proces om te draaien (vraaggestuurd) en om een platform te gebruiken om dit te organiseren. Een strategie die zij eerder in deze pandemie hebben ingezet om binnen ziekenhuizen taken te (her)verdelen. Een mooi voorbeeld hoe een (intern) platform kan zorgen voor een betere en vanuit de mens gestuurde organisatie. En een voorbeeld dat laat zien dat dit niet zo makkelijk is te organiseren. Waarbij de bottleneck zeker niet ligt bij de techniek, maar bij gedrag en organisatie.

Wereldwijde pandemie: Schneider Electric vond interne mobiliteit opnieuw uit

Gelinkt aan het bovenstaande stuk over hoe platformen kunnen bijdragen om extra handen in de zorg te organiseren deze super interessante case hoe een platform interne mobiliteit bij een groot internationaal bedrijf faciliteert.

Eind 2018 lanceerde Schneider Electric, een organisatie met 127.000 medewerkers in 100 landen, intern mobiliteitsplatform, de Open Talent Market. De aanleiding waren de schokkende resultaten van een enquete waaruit bleek dat “47% van de mensen die Schneider verliet als reden aangaf dat ze geen carrière mogelijkheden binnen de organisatie zagen.” Een interne marktplaats moest een oplossing bieden.

Het proces: “Je maakt een profiel aan en vult je ervaring, vaardigheden, interesses en ambities in. Op basis hiervan ontvang je suggesties voor interne vacatures, korte opdrachten, mentoren en opleidingsmogelijkheden. De AI sluit discriminatie op basis van leeftijd, geslacht of etniciteit uit. De manager die de vacature plaatst, ziet alleen de naam, ervaring en vaardigheden van de werknemer. Het gaat dus eigenlijk alleen om vaardigheden en ambities. En mocht er bias binnensluipen als gevolg van de acties van de manager, dan zal dit worden gedetecteerd en opgelost op basis van het bias-mitigatiemechanisme van Gloat, aangevuld met periodieke beoordeling door het SE-team.”

Het resultaat: “Van een organisatie waar medewerkers minimaal drie jaar in één functie moesten werken en waar managers hun medewerkers lange tijd in dezelfde functie konden houden; naar een Open Talent Market (OTM) waar “tijd in positie” niet meer relevant is. Schneider Electric is nu één grote talentmarktplaats voor intern talent. Daardoor waren ze flexibel genoeg sinds het begin van de pandemie om snel te kunnen draaien en de vraag en het aanbod van vaardigheden en talent door de hele organisatie in evenwicht te brengen.”

Waanzinnig dat een organisatie van dit formaat zo’n wending heeft kunnen maken. Niet alleen zijn de medewerkers nu meer tevreden: de organisatie is ook een stuk efficiënter geworden: “We zitten nu op 88.000+ “unlocked hours”, uren die zijn geïnvesteerd in projecten door medewerkers die deelnemen aan OTM-optredens.”

Dit laat zien dat je als organisatie veel meer kunt halen uit de mensen die voor jou werken. Waar mensen normaal zitten opgesloten in hun functie(profiel), geeft een vraaggestuurd systeem (via een platform) mensen veel meer autonomie om te kiezen voor werk waar ze echt in hun kracht staan. Ik verwacht dat deze mensen zich ook veel meer ontwikkelen als ondernemende werknemers binnen de onderneming. Dit vraagt veel van een organisatie: niet meer denken in afdelingen en hokjes (mijn medewerkers!), maar het vraag ook veel van de manier van belonen en beoordelen. En natuurlijk ook de nodige praktische discussies: ik heb al genoeg verhalen over mislukte interne mobiliteitsprojecten gehoord omdat een medewerker niet op een andere afdeling mocht werken vanwege gedoe met een cao. Het is dus geen gemakkelijke opgave, maar de mens in plaats van het systeem (en het vakje) centraal zetten helpt al een boel. En waar een wil is…

Ook gelezen

  • ‘Het Google van tien jaar geleden zou naar ons luisteren’ – Google is sinds maandag het enige grote Amerikaanse techbedrijf met een vakbond. Organisator Nicki Anselmo: „Dit is onze manier om terug te vechten.”
  • De wereld van inhuur en extern talent in 2021. De voorspellingen van 14 experts.
  • Interview over misbruik marktpositie Alibaba – ChinaTalk’s Ed Sander was op 24 december 2020 te gast in het radioprogramma Stax & Toine en gaf Dionne Stax uitleg over het onderzoek naar machtsmisbruik bij Alibaba en de ingetrokken beursgang van Ant Group.
  • Apps boerden goed in 2020: mensen gaven record van 111 miljard dollar uit – “De uitgaven in de App Store stegen met 30,3 procent van 55,5 miljard naar 72,3 miljard dollar.” Met een commissie van 30 procent is de App Store een melkkoe die het bedrijf niet zonder slag of stoot (lees: regulering) op zal geven.
  • Deliveroo riders have elected their own safety representatives in a ‘milestone’ for the gig economy, following a string of deaths
  • Thuis, met een oppas van de zaak – Met kinderen thuiswerken is verre van ideaal, zeker als de kids ook nog eens online les moeten volgen. Sommige werkgevers bieden hun personeel een oplossing: een betaalde oppas voor overdag.

Contact

Inspiratie opgedaan en advies of onderzoek nodig bij vraagstukken rondom de platformeconomie? Of op zoek naar een spreker over de platformeconomie voor een online of offline event?

Neem gerust contact op via een reply op deze nieuwsbrief, via mail (martijn@collaborative-economy.com) of telefoon (06-50244596).

Bezoek ook mijn YouTube kanaal met ruim 300 interviews over de platformeconomie en mijn persoonlijke website waar ik regelmatig blogs deel over de platformeconomie. En lees mijn boek ‘Platformrevolutie – Van Amazon tot Zalando, de impact van platformen op hoe wij werken en leven’.

Er is ook een Engelstalige nieuwsbrief, welke iedere twee weken wordt verstuurd.